Op zoek naar de auteur
Erwin Mortier: "Fictie is geen fake. Fictie is iets reëels. De hedendaagse literatuurbeschouwing ziet alles als een constructie die ze dan moet ontmaskeren. Het is niet omdat het een constructie is, dat het niet reëel is. De mens kan niet leven zonder zijn fictie, hij is in bijna alles een wezen dat zichzelf iets wijs moet maken."
Aldus auteur Erwin Mortier, in een recent dubbelinterview met ook Dimitri Verhulst. Wat we voor het gemak 'literatuur' zouden kunnen noemen, heeft een fascinerende relatie tot 'de realiteit'. Neem nu de kwestie van de schuilnamen. Speciaal voor Erfgoeddag gaat het (onlangs voor een van de Cultuurprijzen 2009 genomineerde) Letterenhuis op zoek naar auteurs die hun identiteit jaren lang wisten te verschuilen. In een kleine presentatie ontdekt u een aantal gevallen waarbij niet meteen duidelijk is wie een literaire tekst heeft geschreven. Het gaat daarbij niet om ondertussen algemeen bekende pseudoniemen, maar om iets ingewikkelder verhalen. Het kan b.v. gaan om een collectief pseudoniem (één naam en meerdere auteurs) of een vrouwelijk pseudoniem en een mannelijke auteur. Of om het gebruik van de naam van een bestaande persoon als pseudoniem. Niets is wat het lijkt!
Bij teksten, ook literaire, is niet altijd duidelijk wie de auteur ervan is. Speciaal voor Erfgoeddag duikt het Letterenhuis de archieven in om een aantal mystificaties te ontsluieren. Zo verschijnt in het decembernummer 1921 van het avant-garde tijdschrift Het Overzicht het gedicht ‘Voetbalmatch’. Als auteur wordt Paul van Ostaijen vermeld, maar de redactie plaatst een vraagteken bij die naam. Is het een gedicht van Paul van Ostaijen of is het een pastiche?
En wie is dichteres Frieda Oosterlinck? Haar werk wordt in 1949 bekroond op de Poëziedagen van Merendree, maar zij kan haar prijs niet komen afhalen omdat zij in Kongo zou verblijven Haar eerste bundel, Het bittere kruid (1951), wordt aangekondigd als 'diepe vrouwelijke poëzie'. Het zal tot in 1957 duren voor duidelijk wordt welke heren de gedichten hebben geschreven. Ook de bundel Antimaterie (1962) van dichter Jan Berghmans wordt enthousiast onthaald en zelfs bekroond. De jaren daarna verschijnt er nog meer poëzie van Jan Berghmans, tot in 1967 blijkt dat de gedichten door kunstkenner Lambert Jageneau zijn geschreven en niet door Berghmans zelf. Hoe deze en andere verhalen – onder meer ook over Dorothea van Maele en Hugo Claus, over Willem Elsschot en Nicodemus – in elkaar zitten, kunt u tijdens Erfgoeddag in een kleine expo in het Letterenhuis ontdekken.
Leestips: DERBOVEN (Jan), Hedendaagse pseudoniemen in Vlaanderen en Nederland, Onuitgegeven thesis, Leuven, KU Leuven, 2002, 120p. en HAZEU (Wim), Het literair
pseudoniemenboek, Schoten, Hadewijch, 1987, 319p.
Afbeelding: Jef Geeraerts (silhouet) © Johannes vande Voorde
Meer nieuws
| Afbeelding | Datum | Titel |
|---|---|---|
|
|
03/23 | Breekbaar Verleden: een boek en expo over het heroïsche mijnverleden |
|
|
03/19 | Campagne van start! |
|
|
03/15 | Wat zit er achter het masker? |
|
|
03/12 | Relieken, echt of vals? |
|
|
03/11 | Weet wat je eet: rode peper |







