Slaaf noch bedelaar mag de arbeider zijn, hij moet een vrij en welvarend man wezen.
De 19e eeuw is een eeuw van de Industriële Revolutie: van technische vooruitgang en van grote sociaal-economische veranderingen. Zeg maar gerust wantoestanden. De ambachtelijke textielnijverheid wordt geïndustrialiseerd. Plattelandsbewoners trekken massaal naar de stad om er in de fabrieken te werken. Het fabrieksproletariaat werkt zes dagen per week, tien tot twaalf uur per dag, voor een schamel uurloon. Kinderen vanaf zes jaar worden tewerkgesteld. Er bestaat geen enkele vorm van arbeidsbescherming of sociale wetgeving. En om het nog erger te maken: omdat men geen stemrecht heeft, heeft men ook geen vertegenwoordiging in het parlement. Tot het jaar 1894: het jaar van het eerste algemeen meervoudig stemrecht en het jaar van de verkiezing van priester Adolf Daens.
Adolf Daens, officieel Augustin Adolphe Daens, werd op 15 december 1839 in Aalst geboren. Hij liep school in het Aalsterse Jezuïetencollege. Als 20-jarige trad hij te Drongen binnen in het noviciaat van de jezuïeten. Moeilijkheden met zijn oversten leidden ertoe dat hij in 1871 ontslagen werd uit de jezuïetenorde. Daens verzette zich vruchteloos tegen zijn uitsluiting, maar bereikte anderzijds wel dat hij nog tijdens datzelfde jaar werd toegelaten tot het grootseminarie van Gent, waar hij in 1873 tot priester werd gewijd.
Toen in april 1893 in Okegem de Christene volkspartij werd gesticht, vroeg zijn broer Pieter hem om het programma op te stellen. Priester Daens werd morele leider en het boegbeeld van de nieuwe partij. Hij zette zich in voor de belangen van de boeren, kleine middenstanders, dorpsintellectuelen en arbeiders, voor de werklieden in de steenbakkerijen van de Rupelstreek en in het Pajottenland, voor de ‘fransmans’ in Oost- en West-Vlaanderen en voor de hopboeren in het Pajottenland. In het parlement klaagde hij de sociale wantoestanden aan en pleitte hij voor politieke en economische hervormingen.
Door de radicale standpunten van de partij kreeg Daens veel tegenkanting van de Katholieke Partij, de hogere geestelijkheid, het Vaticaan en het Koninklijk Paleis. Begin december 1898 werd Daens uiteindelijk door de Gentse bisschop Antoine Stillemans geschorst. Na 1900 raakte hij in zijn partij steeds meer geïsoleerd. Door de onverminderde hetze tegen zijn persoon had hij vele aanhangers verloren, en hij had zich gecompromitteerd toen hij in oktober 1899 deelnam aan de gemeenteraadsverkiezingen in Aalst op een lijst met socialisten en liberalen. In 1906 werd hij niet meer herkozen als volksvertegenwoordiger en zat hij financieel aan de grond. Op 14 juni 1907 stierf hij.
Louis Paul Boon schreef een boek over het leven van Adolf Daens, verteld door zijn broer Pieter. In 1992 kwam de film ‘Daens’ van regisseur Stijn Coninx uit. Ook de gemeenteraad van Aalst was priester Daens niet vergeten. Op 29 juni 2004 kreeg hij het ereburgerschap van Aalst toegekend. In 2005 eindigde priester Daens zelfs vijfde in de strijd om de titel ‘De grootste Belg’. Daarnaast herdenkt het Priester Daensfonds elk jaar opnieuw het overlijden van Priester Daens. Dit jaar vindt de Daensdag plaats op zondag 13 juni. Voor meer informatie: Priester Daensfonds vzw, T. +32 53 77 53 32 of info [at] daens [dot] org
Beschikt jouw vereniging over archief- en beeldmateriaal die deze sociaal-economische wantoestanden illustreren, of kent jouw stad of gemeente ook een persoon die opkwam voor de armen en de minderbedeelden? Zondag 1 mei 2011 is het ideale moment om deze verhalen met het publiek te delen.
Afbeelding:
Belgische postzegel met portret van Adolf Daens.








